Het spoor mag Hilversum niet langer verdelen

Van twee kanten van het spoor naar één Hilversum

Wie Hilversum kent, kent ook de uitdrukking:

“Achter het spoor.”

Het zijn maar drie woorden, maar ze zeggen veel. Het spoor is een fantastische verbinding met de rest van Nederland, maar vormt binnen Hilversum tegelijkertijd al generaties lang een fysieke scheiding.

Centrum en Oost liggen hemelsbreed vlak naast elkaar, maar het spoor ligt ertussen.

Dorp voor Dorp wil daar op lange termijn verandering in brengen.

Het spoor moet Hilversum verbinden, niet Hilversum van zichzelf scheiden.


Eén stad zonder voor- en achterkant

Het spoor hoort bij Hilversum en blijft essentieel voor onze bereikbaarheid.

Het probleem is dus niet de trein.

Het probleem is de barrière die de spoorbaan op maaiveldniveau door de stad vormt.

De gemeente probeert die verbinding nu al te verbeteren. In het Stationshart wordt gewerkt aan een aantrekkelijkere verbinding tussen het centrum en Oost. Dat is een belangrijke stap.

Dorp voor Dorp wil verder vooruit durven kijken.

Wat als we uiteindelijk niet meer onder het spoor door hoeven, maar het spoor onder Hilversum door gaat?


Onze toekomstvisie: het spoor ondergronds

Dorp voor Dorp wil serieus laten onderzoeken of het mogelijk is om een deel van het spoor door centraal Hilversum verdiept of ondergronds aan te leggen.

Niet als prestigeproject en niet met een blanco cheque, maar als een langetermijninvestering die de structuur van Hilversum voor volgende generaties fundamenteel kan verbeteren.

Want wanneer een deel van de bovengrondse spoorbarrière verdwijnt, ontstaat iets wat veel groter is dan een infrastructureel project:

ruimte om Hilversum weer met zichzelf te verbinden.


Van spoorzone naar stadsgebied

Waar nu spoor, hekken en barrières liggen, kan in de toekomst ruimte ontstaan voor nieuwe verbindingen tussen Oost en het centrum.

Afhankelijk van wat technisch mogelijk blijkt, kan bovengronds ruimte ontstaan voor bijvoorbeeld woningen, groen, wandel- en fietsroutes, pleinen, winkels en andere voorzieningen.

Straten die nu aan weerszijden van het spoor eindigen, kunnen onderdeel worden van één samenhangend stadsgebied.

Het huidige “aan deze kant” en “aan de andere kant” kan dan langzaam verdwijnen.

Geen achterkant van het station. Geen overkant van het spoor. Gewoon Hilversum.


Niet alleen een tunnel, maar een gebiedsontwikkeling

Zo'n project mag volgens Dorp voor Dorp nooit alleen worden bekeken als de kosten van een spoortunnel.

Tegenover de investering staat mogelijk ook nieuwe ruimte in een gebied waar grond bijzonder schaars is.

Daarom willen we tegelijkertijd onderzoeken wat de vrijgekomen ruimte bovengronds maatschappelijk én financieel kan opleveren.

Denk aan woningbouw, openbare ruimte, groen en commerciële functies waar die passen.

Die mogelijke opbrengsten moeten onderdeel zijn van de financiële haalbaarheidsstudie.

Eerst rekenen. Dan besluiten.


Een plan voor tientallen jaren

We moeten daarbij realistisch zijn.

Het ondergronds brengen van een belangrijk spoortraject is geen project dat een gemeente zelfstandig even uitvoert. ProRail beheert de spoorinfrastructuur en bij grote spoorprojecten zijn onder meer het Rijk en andere overheden betrokken.

Dat hoeft geen reden te zijn om niet groot te denken.

Ook nu werken gemeente, ProRail, NS, ministerie, provincie en andere partijen samen aan de spoorinfrastructuur rond Hilversum. Bij Hilversum Sportpark wordt bijvoorbeeld al onderzocht of een tunnel voor al het verkeer technisch, ruimtelijk en financieel mogelijk is.

Een ondergrondse spoorzone door centraal Hilversum zou vele malen ingrijpender zijn. Daarom beginnen we niet met een bouwbesluit, maar met een serieuze haalbaarheidsstudie en toekomstvisie.


Onderzoek eerst wat werkelijk mogelijk is

Dorp voor Dorp wil laten onderzoeken:

  • welk deel van het spoor verdiept of ondergronds zou kunnen worden aangelegd;
  • wat technisch mogelijk is zonder de functie van Hilversum als belangrijk spoor- en intercitystation aan te tasten;
  • welke gevolgen dit heeft voor treinverkeer en bereikbaarheid;
  • welke ruimte bovengronds kan vrijkomen;
  • hoeveel woningen, groen en andere functies daar verantwoord kunnen worden gerealiseerd;
  • welke nieuwe verbindingen tussen Oost en centrum mogelijk worden;
  • wat verschillende varianten kosten;
  • welke opbrengsten uit gebiedsontwikkeling daar tegenover kunnen staan;
  • en welke bijdrage mogelijk is van gemeente, provincie, Rijk en andere betrokken partijen.

Pas als die feiten op tafel liggen, kan een verantwoord besluit worden genomen.


De enige grens die wij willen opheffen

Hilversum investeert de komende jaren al fors in het Stationshart. Daarbij is het verbinden van Oost met het centrum nadrukkelijk een doel.

Dorp voor Dorp wil daar een stip verder aan de horizon achter zetten.

Niet voor één collegeperiode.

Niet voor één verkiezing.

Maar voor het Hilversum dat we over twintig, dertig of vijftig jaar willen achterlaten.

Een stad waarin het spoor nog steeds duizenden mensen met Nederland verbindt, maar niet langer bepaalt waar het ene Hilversum ophoudt en het andere begint.

Daarom wil Dorp voor Dorp:

  • een onafhankelijke haalbaarheidsstudie naar het verdiept of ondergronds brengen van het spoor door centraal Hilversum;
  • verschillende technische varianten en tracés laten onderzoeken;
  • ProRail, Rijk, provincie en andere noodzakelijke partners vanaf het begin betrekken;
  • de kosten én mogelijke opbrengsten van de vrijkomende ruimte volledig inzichtelijk maken;
  • onderzoeken hoeveel ruimte kan ontstaan voor woningen, groen, voorzieningen en nieuwe verbindingen;
  • de bereikbaarheid per trein tijdens en na een eventuele ontwikkeling waarborgen;
  • inwoners aan beide zijden van het spoor vanaf het begin betrekken bij de toekomstvisie;
  • pas een definitief besluit nemen wanneer technische, ruimtelijke en financiële haalbaarheid duidelijk zijn.

Van ‘achter het spoor’ naar één Hilversum

Het spoor heeft Hilversum geholpen groot te worden. Nu is het tijd om te onderzoeken of we de volgende stap kunnen zetten.

De trein blijft. De verbinding blijft. Maar de barrière hoeft niet voor eeuwig te blijven.

Geen voor- en achterkant. Geen ‘over het spoor’. Gewoon één Hilversum.