Geen voorrang op de woningmarkt

Schaarse woningen vragen om een eerlijke volgorde

Voor Dorp voor Dorp is het uitgangspunt eenvoudig:

Wie al jarenlang op een woning wacht, mag niet steeds verder naar achteren schuiven.

In onze dorpen en buurten zijn jongeren die er zijn opgegroeid maar geen woning kunnen vinden. Ouderen zoeken een kleinere, passende woning. Mensen met essentiële beroepen kunnen nauwelijks wonen in de omgeving waar zij werken. En andere inwoners staan soms jarenlang ingeschreven als woningzoekende.

Tegelijkertijd moeten gemeenten ook andere groepen huisvesten.

Wanneer woningen schaars zijn, moeten er keuzes worden gemaakt over wie wanneer aan de beurt komt.

Dorp voor Dorp vindt dat wachttijd en aantoonbare binding met onze dorpen en buurten veel zwaarder moeten wegen.


Eerst perspectief voor mensen die hier al jaren wachten

Wij vinden het moeilijk uit te leggen wanneer iemand jarenlang staat ingeschreven, maar een ander op grond van een voorrangsregeling eerder een woning krijgt.

Daarom willen wij dat bij de verdeling van schaarse woningen veel nadrukkelijker wordt gekeken naar hoe lang iemand wacht en welke binding iemand met de omgeving heeft.

Dat betekent voor ons:

eerst perspectief voor de mensen die hier al jarenlang wonen, werken en wachten — daarna voor mensen die zich later op de woningmarkt melden.


Geen voorrang uitsluitend omdat iemand statushouder is

Dorp voor Dorp vindt dat het zijn van statushouder op zichzelf geen reden moet zijn om voorrang te krijgen op een sociale huurwoning.

Dat onderwerp is ook landelijk in beweging. Het kabinet werkt in 2026 aan wetgeving die de positie van statushouders op de sociale huurmarkt gelijk moet stellen aan die van andere woningzoekenden en aan alternatieve huisvesting buiten de reguliere sociale huurvoorraad.

Wij vinden dat een logische richting.

Dezelfde woningmarkt betekent wat ons betreft ook dezelfde spelregels.


Langdurige binding moet zwaarder wegen

Alleen het afschaffen van voorrang vinden wij niet voldoende.

Wanneer mensen jarenlang hebben gewacht, moet die opgebouwde wachttijd daadwerkelijk betekenis hebben.

Dorp voor Dorp wil daarom onderzoeken hoe we binnen de wettelijke mogelijkheden langdurige lokale en maatschappelijke binding veel zwaarder kunnen laten meewegen bij de verdeling van woningen.

Daarnaast willen wij ons landelijk inzetten voor meer ruimte om een minimale verblijfs- of bindingsduur te kunnen hanteren. Ons uitgangspunt daarbij is een termijn van tien jaar voordat nieuwkomers op gelijke voet aanspraak kunnen maken op schaarse reguliere woonruimte.

Daarmee willen wij meer perspectief bieden aan:

  • jongeren die in hun eigen dorp of buurt willen blijven;
  • ouderen die willen doorstromen naar een passende woning;
  • mensen met essentiële beroepen die dichtbij hun werk willen wonen;
  • en inwoners die al jarenlang op een woning wachten.

Wachttijd moet weer iets betekenen.


Passende huisvesting aangeboden? Dan ook accepteren

Wanneer voor een statushouder passende huisvesting beschikbaar wordt gesteld, vinden wij dat daar ook verantwoordelijkheid tegenover staat.

Een passende woning weigeren terwijl andere woningzoekenden jarenlang wachten, vinden wij niet uit te leggen.

Daarom wil Dorp voor Dorp dat binnen de mogelijkheden van de wet duidelijke consequenties gelden wanneer passende huisvesting zonder zwaarwegende reden wordt geweigerd.

Welke consequenties juridisch mogelijk zijn, wordt door landelijke wet- en regelgeving bepaald. Een gemeente kan bijvoorbeeld niet zelfstandig nieuwe voorwaarden aan een verblijfsrecht verbinden.

Ons uitgangspunt blijft echter eenvoudig:

Wie een schaars en passend aanbod krijgt, mag daar niet vrijblijvend mee omgaan.


Lokale binding verdient bescherming

Onze dorpen zijn meer dan een verzameling woningen.

Mensen hebben er hun familie, vrienden, school, sportclub, vrijwilligerswerk en sociale netwerk. Wanneer jongeren noodgedwongen vertrekken omdat zij geen woning kunnen vinden, raakt een dorp niet alleen een inwoner kwijt, maar uiteindelijk ook een deel van zijn gemeenschap.

Daarom willen wij lokale binding nadrukkelijk meewegen in het woonbeleid.

De nieuwe Wet versterking regie volkshuisvesting geeft overheden meer instrumenten om te sturen op hoeveel, waar en voor wie woningen worden gebouwd, maar verplicht gemeenten tegelijkertijd om bepaalde groepen urgent woningzoekenden in hun huisvestingsbeleid op te nemen. Gemeentelijke vrijheid is dus niet onbeperkt.

Waar die lokale ruimte er wél is, wil Dorp voor Dorp die benutten.


Daarom wil Dorp voor Dorp:

  • geen voorrang op een sociale huurwoning uitsluitend omdat iemand statushouder is;
  • wachttijd veel zwaarder laten meewegen bij woningtoewijzing;
  • lokale en maatschappelijke binding sterker laten meewegen;
  • jongeren meer kans geven om in hun eigen dorp of buurt te blijven wonen;
  • ouderen betere mogelijkheden geven om binnen hun eigen omgeving door te stromen;
  • ruimte reserveren voor mensen met essentiële beroepen;
  • landelijk pleiten voor meer mogelijkheden om een minimale verblijfs- of bindingsduur te hanteren, waarbij Dorp voor Dorp uitgaat van tien jaar;
  • duidelijke consequenties verbinden aan het zonder zwaarwegende reden weigeren van aangeboden passende huisvesting, voor zover de wet daarvoor ruimte biedt.

Wie jarenlang wacht, mag niet steeds opnieuw achteraan aansluiten

Woningen zijn schaars. Juist daarom moet de verdeling ervan duidelijk, uitlegbaar en consequent zijn.

Dorp voor Dorp kiest voor een woningmarkt waarin wachttijd weer telt, lokale binding ertoe doet en dezelfde spelregels zoveel mogelijk voor iedereen gelden.